COACH LOGIN
maaltijd macros

“Beoordeel een maaltijd niet op zijn macro’s”

Deense onderzoekers wijzen er op dat een maaltijd meer is dan de som van van de voedingsstoffen. De macro’s alleen zouden niet het hele verhaal tellen en diëten hierop gebaseerd zouden heroverwogen moeten worden. In theorie…

Uitgemolken

En toen ging het weer eens over melk, dat onderwerp dat ik na het mega-artikel eigenlijk nooit meer wilde behandelen. Ik had 70 onderzoeken nodig om te vertellen dat de industrie te verdeeld en vervuild is om iets definitiefs te kunnen zeggen over de gezondheidseffecten van melk. En toen nog een tweede deel dat specifiek inging op de kans op diabetes.

De universiteit van Kopenhagen organiseerde een workshop om meer inzicht te bieden. Ze nodigden in september vorig jaar 18 experts uit op het gebied van epidemiologie, voeding en medische wetenschap. De resultaten verschenen onlangs in American Journal of Clinical Nutrition [1]. Ze bespraken zuivelproducten en hoe de complexe samenstelling van macro en micro voedingsstoffen de spijsvertering beïnvloedt en daarmee het effect van de voeding.

‘If it fits your macro’s, it doesn’t say shit’

In de publicatie deelden ze de volgende conclusies:

  1. Current evidence does not support a positive association between intake of dairy products and risk of cardiovascular disease (i.e., stroke and coronary heart disease) and type 2 diabetes. In contrast, fermented dairy products, such as cheese and yogurt, generally show inverse associations.
  2. Intervention studies have indicated that the metabolic effects of whole dairy may be different than those of single dairy constituents when considering the effects on body weight, cardiometabolic disease risk, and bone health.
  3. Different dairy products seem to be distinctly linked to health effects and disease risk markers.
  4. Different dairy structures and common processing methods may enhance interactions between nutrients in the dairy matrix, which may modify the metabolic effects of dairy consumption.

Ze concluderen vervolgens dat bij bepalen van de voedingswaarde van zuivelproducten niet alleen uitgegaan zou moeten worden van de hoeveelheid voedingsstoffen, maar rekening gehouden zou moeten worden met de ‘biologische beschikbaarheid’ van deze (in hoeverre worden de voedingsstoffen daadwerkelijk opgenomen).

Zo wijzen ze op de hoeveelheid verzadigde vetten in kaas die minder gevaar blijkt te leveren voor de kans op hart- en vaatziekten dan de hoeveelheid zou doen vermoeden. Ook wijzen ze op verschillen tussen de vorm waarin de zuivel wordt gegeten of gedronken en de effecten daarvan.

Vervolgens trekken ze het echter breder dan zuivel:

Future diet assessments and recommendations should carefully consider the evidence of the effects of whole foods alongside the evidence of the effects of individual nutrients.

Als ander voorbeeld wordt verwezen naar amandelen die tijdens het eten, minder vetten afgeven dan ze bevatten. Hoe goed je ook zou kauwen.

‘Macro maatje’

En toch ben ik nog steeds een ‘macro-maatje’.

We wisten immers al dat er verschillende soorten vetten zijn met verschillende effecten. Ook dat deze effecten kunnen veranderen als verschillende vetten samen gegeten worden. We weten ook dat er verschillende soorten eiwitten zijn met verschillende effecten. Ook dat deze effecten kunnen veranderen als verschillende eiwitten samen gegeten worden. Ook hebben we uitgebreid aandacht gewijd aan verschillende soorten koolhydraten en hun effect op de stofwisseling. Niet bepaald revolutionair; er is een reden dat voedingstabellen op etiketten onderscheid maken tussen koolhydraten met een lange keten of korte keten (‘waarvan suikers‘) en tussen verzadigde en onverzadigde vetten.

Dat verschillende voedingsstoffen effect op elkaar kunnen hebben is ook al langer bekend. Maar ook dat persoonlijke verschillen van grote invloed kunnen zijn Wat voegt deze publicatie dan daadwerkelijk toe?

Vrij weinig denk ik eerlijk gezegd. Ja, we weten dat het effect van een maaltijd niet geheel wordt bepaald door de individuele voedingsstoffen. Dit is echter wel een goed beginpunt om mogelijke problemen aan te wijzen of het nu gaat om risico’s voor de gezondheid of het verliezen van een sixpack. Wanneer de macro’s kloppen, kan je vervolgens een detailniveau hoger gaan zitten. Wat voor vetten, wat voor koolhydraten en wat voor eiwitten krijg ik binnen?

Dan ben je er dus nog niet. Niet alle verzadigde vetten zijn ‘slecht’ bijvoorbeeld, dus kijk je verder naar de bron van de verzadigde vetten. Maar ook dan ben je er nog niet volgens de onderzoekers. Terecht; hoe reageren al die verschillende stoffen onderling op elkaar?

Dat laatste detailniveau is in de praktijk echter vrijwel onhaalbaar. We weten het namelijk simpelweg niet. Het bepalen van het (‘stand-alone’) effect van individuele voedingsstoffen vergt al talloze onderzoeken onder honderden tot duizenden deelnemers over tientallen jaren tijd. We zullen waarschijnlijk eerder weten of er leven buiten aarde dan dat we van alle voeding en voedingsstoffen de onderlinge werking hebben kunnen onderzoeken.

Eerst de fundering

Ik ben het dus helemaal eens met de onderzoekers dat er nog veel meer te leren valt over verschillenden voedingsstoffen en hun onderlinge effecten. Ik deel dus ook de mening dat macro’s slechts een deel van het verhaal tonen en dit mogelijk ook nog eens vertekenen.

Met smart wacht ik dan ook op de in de hersenen te implanteren microprocessor die alle binnenkomende voedingsstoffen, gemeten door sensoren in de maag en het bloed, analyseert. Automatisch wordt de Online Coaching App van Fitsociety versie 22000.3 geopend. Die tovert een pop up die op mijn netvlies verschijnt om mij te exact te vertellen wat mijn lichaam binnen heeft gekregen, wat het met mij doet en wat ik vervolgens het beste zou kunnen doen voor verbetering. Of nog beter, een camera in m’n ogen die een foto maken van de maaltijd zodat je gewaarschuwd kunt worden voor het eten. De hoofdpunten bovenaan met de optie naar verdere details te gaan:

Effect donut:

  1. Vetpercentage: 0,003 procent↑                  huidig: 22%
  2. Aantal resterende dagen te leven: 0,2↓     huidig: 9217 dagen
  3. Kans op Tinder-match: 0,007%↓               huidig: 4%

klik voor verdere details……..

Over Kenneth Nwosu

Kenneth Nwosu is gecertificeerd fitness-docent, natural bodybuilder en heeft een achtergrond in oosterse vechtsporten als docent Ryukyu Kobujutsu (Japanse Krijgskunst). Als hoofdredacteur van FITsociety schrijft hij uitvoerig over alles met betrekking tot fitness, bodybuilding, voeding en supplementen. Als fitness fotograaf heeft hij honderden fitness fanaten in hun beste shape vastgelegd.

Plaats een reactie