COACH LOGIN

Prebiotica en Probiotica

Hebben probiotica een gezond effect op de darmen en gezondheid in het algemeen? In theorie wel, maar in praktijk weten we nog te weinig voor een effectieve toepassing.

Darmflora

“Probiotica voor een gezonde darmflora”. Het klinkt in mijn oren altijd als mest voor een bloementuintje in je darmen. Wat is nu precies die darmflora waarover je zo vaak hoort spreken in de reclames?

Met name in de dikke darm is een groot aantal bacteriën actief. Bacteriën die helpen bij de spijsvertering door vezels af te breken, anderen die het immuumsysteem versterken en weer anderen die vitamine K aanmaken [1,2,3].

Bij ‘darmflora’ kun je denken aan het oerwoud van bacteriën dat gegroeid is in het darmstelsel sinds de geboorte. ‘Goede bacteriën’ verlagen de kans op infecties. Ze zorgen onder andere voor een zuurgraad waarin schadelijke bacteriën slecht groeien. Bovendien geven ze stoffen af die virussen en slechte bacteriën doden.

Prebiotica

We horen vaak genoeg dat we vezels nodig hebben. Dit is omdat vezels voeding zijn voor de goede bacteriën. Voedingsvezels en onverteerbare koolhydraten worden samen prebiotica genoemd. Te denken valt aan de vezels die we halen uit graanproducten, peulvruchten, groente en fruit. Hogere innames van vezels wordt gelinkt aan een lagere gewicht en een lagere kans op hart- en vaatziekten [4].

Probiotica

Probiotica zijn voedingsmiddelen die per definitie aan twee eisen moeten voldoen [5].

1: Het zijn levende micro-organismen

2: Ze hebben een gunstig effect op de gastheer.

Hiervoor kan een groot aantal verschillende bacteriën in aanmerking. De meest gebruikte zijn lactobacillen en bifidobacteriën. Er zijn vele onderzoeken gevoerd naar de werking van probiotica met verschillende uitkomsten. Ook is de huidige darmflora van invloed op het effect van probiotica wat voor verschillende effecten in verschillende mensen zorgt[6]. Hoewel een negatief effect op gezonde mensen niet is aangetoond, geldt dat ook voor een positief effect[7]. Sommige fabrikanten hebben dan ook claims op bijvoorbeeld een positief effect op de weerstand moeten intrekken na dure rechtzaken.

Opvallend is ook dat zelfs vergelijkende onderzoeken die gefinanceerd zijn door leveranciers van probiotica aantonen dat we nog niet genoeg weten om probiotica effectief in te zetten[8,9]. Welke goede bacteriën hebben effect in welke situatie en in welke dosering? De wetenschap heeft nog een lange weg te gaan als het gaat om het ontdekken van de exacte werking van verschillende bacteriën. Simpelweg een aantal goede bacteriën innemen en hopen dat daarmee de algemene darmflora verbeterd wordt, lijkt niet heel succesvol.

Referenties:

  1. Stephen AM, Cummings JH. Mechanism of action of dietary fibre in the human
    colon. Nature. 1980 Mar 20;284(5753):283-4. PubMed PMID: 7360261.
  2. Nagler-Anderson C. Tolerance and immunity in the intestinal immune system.
    Crit Rev Immunol. 2000;20(2):103-20. PubMed PMID: 10872893.
  3. Takada T, Yamanashi Y, Konishi K, Yamamoto T, Toyoda Y, Masuo Y, Yamamoto H,
    Suzuki H. NPC1L1 is a key regulator of intestinal vitamin K absorption and a
    modulator of warfarin therapy. Sci Transl Med. 2015 Feb 18;7(275):275ra23. doi:
    10.1126/scitranslmed.3010329. PubMed PMID: 25696002.
  4. Slavin, J. (2013). Fiber and Prebiotics: Mechanisms and Health Benefits. Nutrients, 5(4), 1417–1435.
  5. Fuller R. Probiotics in man and animals. (1989) J Appl Bacteriol 66:365-378.
  6. Roberfroid M. Prebiotics: the concept revisited. J Nutr. 2007 Mar;137(3 Suppl
    2):830S-7S. Review. PubMed PMID: 17311983.
  7. Kristensen NB, Bryrup T, Allin KH, et al. Genome Medicine. Published online May 10 2016
  8. Ciorba, Matthew A. “A Gastroenterologist’s Guide to Probiotics.” Clinical gastroenterology and hepatology : the official clinical practice journal of the American Gastroenterological Association 10.9 (2012): 960–968. PMC. Web. 31 Dec. 2016.
  9. Hemarajata P, Versalovic J. Effects of probiotics on gut microbiota: mechanisms of intestinal immunomodulation and neuromodulation. Therapeutic Advances in Gastroenterology. 2013;6(1):39-51. doi:10.1177/1756283X12459294.

Plaats een reactie