Wat te doen tegen vocht vasthouden?

Wat kun je doen tegen vocht vasthouden? En waarom houd je eigenlijk vocht vast? We bespreken hier de verschillende typen vochtretentie, oorzaken en mogelijke oplossingen. 

Vocht vasthouden

Vocht vasthouden gebeurt simpelweg wanneer er meer vocht in je lichaam binnenkomt dan verlaat. Wat er met dit ‘vocht overschot’ gebeurt, waard dit vocht wordt vastgehouden, hangt af van de omstandigheden en de persoon. Daarom kunnen verschillende toestanden bedoeld worden wanneer men klaagt over vocht vasthouden, of ‘vochtretentie’.

Vocht kan namelijk op drie verschillende plekken in het lichaam worden ‘vastgehouden’.

  1. In cellen (‘intracellulaire vloeistof’)
  2. Extracellulair: in weefsel, tussen de cellen (‘interstitiële vloeistof’)
  3. Extracellulair: in bloedvaten (‘intravasculaire vloeistof’)

Waarom vocht vasthouden?

Het is de interstitiële vloeistof die uiteindelijk de symptomen vormt van de twee verschillende toestanden die men in praktijk vaak bedoeld met vochtretentie.

  1. Onderhuids vocht dat plaatselijk wordt vastgehouden. Denk bijvoorbeeld aan opgezwollen handen, vingers en voeten.
  2. Vocht dat over het hele lichaam onderhuids wordt vast gehouden in weefsel tussen cellen

Verschillende oorzaken kunnen tot deze verschillende klachten leiden hoewel er vaak een verband is. Daarom moet je eerst specificeren welk type vochtretentie je bedoelt wanneer je je afvraagt waarom je vocht vasthoudt.

Wat is oedeem?

Een plaatselijke opeenhoping van vocht (buiten de cel) wordt ook oedeem genoemd. Denk bijvoorbeeld aan een opgezwollen gezicht, handen, vingers en/of voeten, maar ook de longen of hersenen.

We zien dit ontstaan onder verschillende uiteenlopende omstandigheden. Van ernstige medische complicaties tot tijdelijke, cosmetische klachten.

Hoe ontstaat oedeem?

Bloedvaten bevatten vocht. Dit wordt gescheiden van het omliggende weefsel door de wand van de bloedvaten. Vocht kan uit de bloedvaten naar omliggend weefsel ‘geduwd’ worden. Dat vocht bevindt zich dan tussen de cellen van dat weefstel waar het door die cellen benut kan worden. Intravasculaire cellen (in het bloedvat) worden dan dus interstitiële cellen (tussen de cellen) en eventueel intracellulaire cellen indien opgenomen door cellen.

Het vocht kan de bloedvaten verlaten door een wand die wel water door kan laten, maar in mindere mate eiwitten (zoals de albumine in bloed). Er zijn tegengestelde krachten die bepalen of het vocht uit de vaten naar omliggende weefsel loopt, of juist vocht uit het weefsel terug gedrongen wordt in de bloedvaten (‘Starling equation’). Deze krachten zijn respectievelijk bloeddruk en oncotische druk.

Het lymfefatenstelsel werkt hierbij als een soort overloop. Wanneer er teveel vocht in het weefsel dreigt op te bouwen dan kan het lymfefatenstelsel overtollig vocht in de bloedsomloop terugbrengen. Wanneer het lymfefatenstelsel teveel vocht te verwerken krijgt, of niet goed kan functioneren, dan ontstaan er ophopingen van vocht in het weefsel tussen de cellen.

Bloeddruk vs oncotische druk

De bloeddruk werkt als kracht die vocht de bloedvaten uit perst. De eiwitten in het bloed kunnen echter moeilijker door deze wand. Wanneer het vocht uit de bloedvaten wordt geperst blijft daarom een hogere concentratie van deze eiwitten achter in de bloedvaten.

Hierdoor ontstaat oncotische druk die werkt als tegengestelde kracht. Dit is een vorm van osmose/osmotische druk veroorzaakt door verschillen in concentraties van eiwitten (vooral albumine) aan weerszijden van de wanden van bloedvaten.

Het vocht buiten de bloedvaten heeft een lagere concentratie eiwitten en wilt zich daarom weer de bloedvaten inwerken om zo voor balans te zorgen.

Vocht in bloedvaten of weefsel

Welk van deze krachten harder werkt bepaalt of de hoeveelheid vocht in weefsel en onder de huid toeneemt of afneemt. Hoe snel het vocht vervolgens de ene of ander kant op stroomt, hangt ook af van de doorlaatbaarheid van de wanden van de bloedvaten. Een grotere doorlaatbaarheid zorgt er ook voor dat meer eiwitten de bloedvaten kunnen verlaten. De concentratie eiwitten in de bloedvaten blijft dan lager waardoor het vocht buiten de vaten minder snel door osmotische druk terug zal stromen.

De druk in de vaten en de osmotische druk in omliggend weefsel worden door verschillende factoren beïnvloed.

Oedeem is vaak het gevolg van een aandoening. Bijvoorbeeld nieren die minder in staat zijn hun filtrerende functie uit te voeren of een verslechterde bloedafvoer, zoals door trombose. Ook een falende lever kan de oorzaak zijn. Deze is verantwoordelijk voor de aanmaak van eiwitten die nodig zijn voor een gezonde vochtbalans.

6 Oorzaken van vocht vasthouden

Er zijn 6 manieren waarop er meer vocht van de bloedvaten naar omliggend weefsel kan stromen dan in omgekeerde richting:

  1. Verhoogde bloeddruk
  2. Verlaagde oncotische druk in bloedvaten (minder eiwitten in bloedvaten)
  3. Verhoogde oncotische druk omliggend weefsel (meer eiwitten in weefsel)
  4. Toegenomen doorlaatbaarheid van wanden van bloedvaten (meer eiwitten van bloedvat naar weefsel)
  5. Blokkades in de afvoer van water door het lymfevatenstelsel
  6. Veranderingen in de vocht vasthoudende eigenschappen van de weefsels zelf.

Lokaal oedeem

Naast deze vormen van een ‘gegeneraliseerd’ oedeem, kan de oorzaak ook plaatselijk en tijdelijk zijn. Denk bij zo’n lokaal oedeem onder andere aan een allergische reactie en een ontstekingsreactie.

Oorzaken van een lokaal oedeem kunnen ook onschuldiger zijn. Bekend zijn bijvoorbeeld de dikke enkels nadat je lang gestaan hebt. Dit is een gevolg van vocht in de bloedvaten dat op het laagste punt hieruit geperst wordt en zo tussen de cellen terecht komt. Een deel van het intravasculaire vocht dat eerst door het lichaam verspreid werd, hoopt zich dan op deze ene plek op.

Hetzelfde kan gebeuren wanneer je de armen lang naast het lichaam hebt laten hangen, of tijdens het lopen. Door het lage punt van de handen en vingers (en de centrifugale krachten van de zwaaiende armen) kan hier vocht uit de bloedvaten geperst worden.

Dikke enkels door vocht vasthouden

Specifiek in de benen kan het vasthouden van vocht ook een gevolg zijn van een gebrek aan lichaamsbeweging. Training stelt de spieren beter in staat om de aders tegen de zwaartekracht te laten vechten. Bloed kan op die manier beter terug omhoog gestuurd worden richting het hart. Wanneer de spieren hier minder goed toe in staat zijn dan hoopt meer bloed zich op in de aders van de benen (kans op spataders). De druk neemt dan toe en meer water sijpelt door de vaatwanden in het omliggende weefsel.

De spieren in de benen zijn niet alleen nodig om het bloed terug te sturen naar het hart. Ook voor de ‘overloop’ functie van het lymfefatenstelsel is de inzet van spieren nodig. Langdurig gebrek aan inzet van deze spieren vergroot dan ook de kans op dikke enkels en benen. Steunkousen kunnen de spieren hierbij helpen door extra druk te leveren.

Landurig zitten, zoals tijdens een vlucht, maar ook als je door ziekte een tijd aan bed gebonden bent, kan ook oedeem veroorzaken. Specifiek het vasthouden van vocht in de benen en enkels. Je kunt dit echter al voorkomen met slechts lichte bewegingen en oefeningen. Een paar keer draaien met je voeten bijvoorbeeld, om de zoveel minuten.

Hoe herken je oedeem?

Als je bij zo’n plaatselijke ophoping van vocht je vinger in de huid drukt dan zal tijdelijk de afdruk van de vinder in de huid blijven staan. Normaal hoort de huid vrijwel direct de oude vorm aan te nemen. Bij oedeem duurt dit langer.

Medicijnen die kunnen zorgen voor vochtretentie

Helaas kunnen verschillende soorten medicijnen ook voor een hogere vochtretentie zorgen. Denk onder andere aan:

  • Estrogenen (vrouwelijk geslachtshormoon)
  • Hormoontherapie
  • NSAIDS (non-steroidal anti-inflammatory drugs, zoals ibubrofen)
  • Anti conceptie pil
  • beta-blockers

Wat te doen tegen oedeem?

Wat je zelf kunt doen tegen plaatselijke vochtretentie verschilt dus ook per oorzaak. Bij de tijdelijke oorzaken zoals een infectie, allergie, insectenbeten of lange dag staande achter de toonbank, zal het oedeem (normaliter) zelf ook verdwijnen. Simpelweg een tijdje met de voeten omhoog gaan zitten, kan bijvoorbeeld dikke enkels sneller doen verdwijnen.

Maar je kunt mogelijk meer doen dan symptoombestrijding. De plaatselijke opeenhoping van vocht kan immers het resultaat zijn van een algemeen verschil in het vocht dat binnenkomt en het vocht dat je lichaam verlaat.

Daarmee komen we ook meteen op het soort vochtretentie dat niet als medische klacht beschouwd kan worden, maar vooral als cosmetische.

Vocht dat over het hele lichaam onder de huid wordt vast gehouden

Als fitness fotograaf heb ik vrijwel wekelijks met half uitgedroogde mensen te maken. Klanten willen zo ‘droog’ mogelijk vastgelegd worden. Een laag vetpercentage is daarvoor natuurlijk het eerste vereiste. Wanneer dat laag genoeg is dan kan een laag vochtgehalte vervolgens nog een groot uiterlijk verschil maken.

Weinig onderhuids vocht tussen de cellen maakt de huid dunner waardoor aders en spieren duidelijker naar buiten komen. Voor veel fitness modellen, bodybuilders, maar ook acteurs is vocht afdrijven dan ook een belangrijk onderdeel om zo droog mogelijk over te komen.

De ‘juiste vochtbalans’ wordt dan niet in medische termen beoordeeld, maar in esthetische. Ten eerste probeert men dan natuurlijk onnodig veel vocht vast te houden.

Uitdroging

Bovendien wordt geprobeerd juist het omgekeerde van vochtretentie te bereiken; het lichaam in een staat brengen waarin meer vocht verloren gaat dan er binnenkomt. Dit zorgt natuurlijk voor uitdroging en niet alleen op die plekken waar je wat minder vocht wilt.

Dergelijke uitdroging kan natuurlijk ernstige gevolgen hebben. Er zijn bodybuilders overleden aan uitdroging rondom een wedstrijd. Daarnaast kunnen stuiptrekkingen op het podium voorkomen terwijl kramp door uitdroging een bekende is bij wedstrijden. Dat is waarschijnlijk de reden dat sommige organisaties harder optreden tegen het gebruik van diuretica (plaspillen) dan tegen anabolen-gebruik.

Hoe voorkom je vocht vasthouden?

Hoewel je dus de nodige kritische kanttekeningen kunt plaatsen bij protocollen om jezelf bewust uit te drogen, is het alleen maar gezond om onnodig vocht vasthouden te voorkomen.

Terugkijkend naar de 6 oorzaken van vocht vasthouden kunnen we al een preventiemiddel bedenken. Om te voorkomen dat je vocht vasthoudt, kan je onder andere werken aan de balans tussen bloeddruk en oncotische druk.

Een hogere bloeddruk zorgt immers dat meer vocht tussen het weefsel en onder de huid geperst wordt terwijl de osmotische druk het vocht terug duwt de bloedvaten in. Een hoge bloeddruk voorkomen is natuurlijk belangrijk voor een gezond hart- en vaatstelsel maar kan dus ook zorgen dat je minder vocht vasthoudt.

Zout en vocht vasthouden

Teveel zout in een dieet is een van de veel voorkomende oorzaken van een hoge bloeddruk. Bovendien bindt sodium aan water in het lichaam. Diverse onderzoeken hebben aangetoond dat meer zout in het dieet zorgt voor het vasthouden van meer vocht [1,2,3,4].

De hoeveelheid zout in je dieet is dan ook één van de makkelijkste factoren om zelf te beïnvloeden als je iets wilt doen aan vochtretentie (of de preventie daarvan).

In veel verwerkte voeding zit relatief veel zout/sodium. Leer jezelf dus aan om in ieder geval de hoeveelheid zout in dergelijke producten te controleren. Vervolgens kan je hier een oordeel over vellen in plaats van automatisch nog meer zout toe te voegen.

Diuretica, plaspillen

Soms worden diuretica, plaspillen, voorgeschreven in geval van vochtretentie. Daarbij is het echter belangrijk dat wel bekend is waardoor de onbalans in vocht (tussen intravasculair en interstitiële) verstoord is.

Plaspillen zijn niet de oplossing wanneer het vasthouden van vocht in weefsel tussen cellen wordt veroorzaakt door een grotere doorlaatbaarheid van de wanden van bloedvaten. Wanneer deze doorlaatbaarheid groter wordt, zullen immers ook meer eiwitten verplaatst worden naar het weefsel buiten het bloedvat.

Hierdoor neemt de oncotische druk in het bloedvat af. Wanneer je in deze situatie plaspillen gebruikt dan kan er iets zeer gevaarlijks gebeuren; uitdroging van het bloed.

De hoeveelheid vocht in het bloed neemt dan af terwijl de hoge concentratie eiwitten in het weefsel ook vocht onttrekt aan de bloedsomloop. Je lichaam probeert vervolgens zo zuinig mogelijk met vocht om te gaan waardoor je nog meer vocht vast zult houden.

Water drinken en vocht vasthouden

Het omgekeerde geldt voor het drinken van water. Veel water drinken geeft je lichaam de boodschap dat vocht in overvloed aanwezig is. Je zet als het ware de kraan verder open waardoor je lichaam automatisch het afvoerputje verder open zet[5].

Drink hiervoor wel water of thee. Dranken met veel suiker en/of cafeïne kunnen juist uitdrogend werken.

Geraffineerde koolhydraten verhogen vochtretentie

Geraffineerde koolhydraten zorgen voor een snelle stijging van de beschikbare glucose in je bloedsomloop. Om dit bloedsuiker te reguleren wordt insuline vrijgegeven. Insuline zorgt ervoor dat de nieren meer sodium (her)opnemen. Sodium blijft op die manier langer in het lichaam en zorgt dus ook langer voor het vasthouden van vocht [6,7].

Bij geraffineerde koolhydraten moet je denken aan verwerkte suikers en granen zoals tafelsuiker en bloem.

Vocht vasthouden tijdens menstruatie, zwangerschap en overgang.

Rond de menstruatie, maar ook rond zwangerschappen kan door de hormonale verschuivingen vaak sprake zijn van vochtretentie.

Hormonen hebben een invloed op de vochtbalans. Schommelingen hierin kunnen dus ook resulteren in schommelingen in de vochtbalans. Dit soort schommelingen komen bij vrouwen regelmatig voor. Als eerste krijgen vrouwen te maken met de menstruatie waarbij we een verhoging zien in de hormonen oestrogeen en progesteron. Dit is (fysiek gezien) een voorbereidende fase op een zwangerschap. Vooral vlak voor de menstruatie houden vrouwen vaak meer vocht vast in de buik en borsten. Daarom zijn veel onderzoeken naar vochtretentie uitgevoerd met vrouwen met PMS (zie verder).

Dezelfde hormonen kunnen we in nog hogere mate zien tijdens een zwangerschap en ook dan kunnen deze zorgen voor verhoogde vochtretentie. Vaak gaat dit gepaard met dikke benen, enkels en voeten.

Tot slot kan de menopauze opnieuw voor flinke verstoringen in hormoonspiegels zorgen met verhoogde vochtretentie tot gevolg.

Magnesium tegen vocht vasthouden

In een onderzoek onder vrouwen met PMS bleek inname van 200 mg magnesium per dag die klachten te kunnen verlagen [8]. Vergelijkbare resultaten met magnesium werden gezien in twee andere onderzoeken met vrouwen met PMS [8,9].

Magnesium kan je als supplement kopen. In de natuur tref je het vooral aan in noten, groene bladgroenten en volle granen.

Vitamine B6 tegen vocht vasthouden

In onderzoek bleek vitamine B6 ook te kunnen zorgen voor minder vochtretentie in vrouwen met PMS [9]. Vitamine B6 is onder andere betrokken bij de productie van rode bloedcellen.

Vitamine B6 vind je onder meer in bananen, vlees, walnoten en aardappels.

Kalium tegen vocht vasthouden

Het mineraal kalium kan mogelijk op twee manieren helpen tegen het vasthouden van vocht[11]:

  • Kalium verlaagt de hoeveelheid sodium
  • Kalium verhoogt de urine productie.

Vochtafdrijvende voedsel

Maar er zijn nog meer soorten voeding die (mogelijk) kunnen zorgen dat je juist meer vocht afdrijft.

  • Paardenstaat (de plant) [12]
  • Peterselie [13]
  • Hibiscus [14]
  • Venkel [15]
  • Brandnetel [16]
  • Knoflook [17,18]

Samenvatting:

Met ‘vocht vasthouden’ kunnen verschillende toestanden bedoeld worden. In praktijk bedoelt men meestal vocht dat buiten de cellen en bloedvaten in weefsel wordt vast gehouden.

Deze opeenhopingen van vocht, oedeem, kunnen plaatselijk optreden. Ze zijn hoofdzakelijk het gevolg van een onbalans in het vocht dat bloedvaten wordt uitgedrukt en vocht dat weer in de bloedcirculatie gebracht wordt.

Vrouwen kunnen vaker met vochtretentie te maken krijgen door hormonale schommelingen tijdens menstruatie, zwangerschap en overgang.

Veel zout en geraffineerde suikers in het dieet kunnen de vochtretentie verhogen. Zout doet dit onder andere door de bloeddruk te verhogen.

Genoeg water drinken zorgt ervoor dat het lichaam ook genoeg water uit blijft stoten. Hiernaast zijn er enkele groenten waarvan onderzoek heeft aangetoond dat ze vochtafdrijvend kunnen werken.

Referenties:

  1. Kojima S, Inoue I, Hirata Y, Saito F, Yoshida K, Abe H, Deguchi F, Kawano Y, Kimura G, Yoshimi H, et al. Effects of changes in dietary sodium intake and saline infusion on plasma atrial natriuretic peptide in hypertensive patients. Clin Exp Hypertens A. 1987;9(7):1243-58. PubMed PMID: 2957126.
  2. Luft FC, Rankin LI, Bloch R, Willis LR, Fineberg NS, Weinberger MH. The effects of rapid saline infusion on sodium excretion, renal function, and blood pressure at different sodium intakes in man. Am J Kidney Dis. 1983 Jan;2(4):464-70. PubMed PMID: 6823962.
  3. McKnight JA, Roberts G, Sheridan B, Atkinson AB. The effect of low and high sodium diets on plasma atrial natriuretic factor, the renin-aldosterone system and blood pressure in subjects with essential hypertension. Clin Endocrinol (Oxf). 1994 Jan;40(1):73-7. PubMed PMID: 8306484.
  4. Sagnella GA, Markandu ND, Buckley MG, Miller MA, Singer DR, MacGregor GA. Hormonal responses to gradual changes in dietary sodium intake in humans. Am J Physiol. 1989 Jun;256(6 Pt 2):R1171-5. PubMed PMID: 2525347.
  5. Horita S, Seki G, Yamada H, Suzuki M, Koike K, Fujita T. Insulin resistance, obesity, hypertension, and renal sodium transport. Int J Hypertens.
    2011;2011:391762. doi: 10.4061/2011/391762. Epub 2011 Apr 12. PubMed PMID: 21629870; PubMed Central PMCID: PMC3095959.
  6. Negoianu D, Goldfarb S. Just add water. J Am Soc Nephrol. 2008 Jun;19(6):1041-3. doi: 10.1681/ASN.2008030274. Epub 2008 Apr 2. PubMed PMID: 18385417.
  7. Tiwari S, Riazi S, Ecelbarger CA. Insulin’s impact on renal sodium transport and blood pressure in health, obesity, and diabetes. Am J Physiol Renal Physiol. 2007 Oct;293(4):F974-84. Epub 2007 Aug 8. Review. PubMed PMID: 17686957.
  8. Walker AF, De Souza MC, Vickers MF, Abeyasekera S, Collins ML, Trinca LA. Magnesium supplementation alleviates premenstrual symptoms of fluid retention. J Womens Health. 1998 Nov;7(9):1157-65. PubMed PMID: 9861593.
  9. Facchinetti F, Borella P, Sances G, Fioroni L, Nappi RE, Genazzani AR. Oral magnesium successfully relieves premenstrual mood changes. Obstet Gynecol. 1991 Aug;78(2):177-81. PubMed PMID: 2067759.
  10. Ebrahimi E, Khayati Motlagh S, Nemati S, Tavakoli Z. Effects of magnesium and vitamin b6 on the severity of premenstrual syndrome symptoms. J Caring Sci. 2012 Nov 22;1(4):183-9. doi: 10.5681/jcs.2012.026. eCollection 2012 Dec. PubMed PMID: 25276694; PubMed Central PMCID: PMC4161081.
  11. Gallen IW, Rosa RM, Esparaz DY, Young JB, Robertson GL, Batlle D, Epstein FH, Landsberg L. On the mechanism of the effects of potassium restriction on blood pressure and renal sodium retention. Am J Kidney Dis. 1998 Jan;31(1):19-27. PubMed PMID: 9428447.
  12. Carneiro DM, Freire RC, Honório TC, Zoghaib I, Cardoso FF, Tresvenzol LM, de Paula JR, Sousa AL, Jardim PC, da Cunha LC. Randomized, Double-Blind Clinical Trial to Assess the Acute Diuretic Effect of Equisetum arvense (Field Horsetail) in Healthy Volunteers. Evid Based Complement Alternat Med. 2014;2014:760683. doi: 10.1155/2014/760683. Epub 2014 Mar 4. PubMed PMID: 24723963; PubMed Central
    PMCID: PMC3960516.
  13. Kreydiyyeh SI, Usta J. Diuretic effect and mechanism of action of parsley. J Ethnopharmacol. 2002 Mar;79(3):353-7. PubMed PMID: 11849841.
  14. Jiménez-Ferrer E, Alarcón-Alonso J, Aguilar-Rojas A, Zamilpa A, Jiménez-Ferrer C I, Tortoriello J, Herrera-Ruiz M. Diuretic effect of compounds from Hibiscus sabdariffa by modulation of the aldosterone activity. Planta Med. 2012 Dec;78(18):1893-8. doi: 10.1055/s-0032-1327864. Epub 2012 Nov 13. PubMed PMID: 23150077.
  15. Badgujar SB, Patel VV, Bandivdekar AH. Foeniculum vulgare Mill: a review of its botany, phytochemistry, pharmacology, contemporary application, and toxicology. Biomed Res Int. 2014;2014:842674. doi: 10.1155/2014/842674. Epub 2014 Aug 3. Review. PubMed PMID: 25162032; PubMed Central PMCID: PMC4137549.
  16. Ziyyat A, Legssyer A, Mekhfi H, Dassouli A, Serhrouchni M, Benjelloun W.Phytotherapy of hypertension and diabetes in oriental Morocco. J Ethnopharmacol.1997 Sep;58(1):45-54. PubMed PMID: 9324004.
  17. Josling P. Preventing the common cold with a garlic supplement: a double-blind, placebo-controlled survey. Adv Ther. 2001 Jul-Aug;18(4):189-93. PubMed PMID: 11697022.
  18. Rivlin RS. Historical perspective on the use of garlic. J Nutr. 2001 Mar;131(3s):951S-4S. doi: 10.1093/jn/131.3.951S. PubMed PMID: 11238795.

Over Kenneth Nwosu

Kenneth Nwosu is gediplomeerd fitness trainer en hoofdredacteur van FITsociety. Hij schrijft uitvoerig over alles met betrekking tot fitness, krachttraining, afvallen, voeding en voedingssupplementen. Als fitness fotograaf heeft hij honderden fitness fanaten in hun beste shape vastgelegd.

Plaats een reactie