Fitsociety Opinie Balanstrutjes

Balanstrutjes

“Balanstrutjes”. Geen keuze kunnen of willen maken voor één of slechts enkele doelstellingen. Vanwaar die negatieve associatie met het zoeken van balans?

“Balanstrutjes”

Onlangs schoof Elske Doets, zakenvrouw van het jaar 2017, aan bij De Wereld Draait Door. Aanleiding was de discussie over een verplicht quotum voor vrouwen in topfuncties. Desgevraagd naar redenen waarom het vrouwen niet “op eigen kracht” lukt in grotere aantallen topfuncties te bekleden, werden meerdere mogelijke oorzaken genoemd. Eén daarvan was volgens Elske Doets het feit dat veel vrouwen simpelweg geen keuzes kunnen of willen maken. Als je een topfunctie ambieert dan zal je daarvoor offers moeten maken. Vrouwen die hier niet toe bereid zijn noemde ze “balanstrutjes”.

Het is geen verassing dat velen negatief reageerden op het inherent denigrerende woord “balanstrutjes”. Het feit dat je de noodzaak voelt het woord balans te combineren met “trutjes” verklapt een bepaalde mate van ergernis, irritatie en veroordeling.

Balanstrutjes en fitness

Diezelfde irritatie proefde ik onlangs in de woorden van één van mijn klanten voorafgaand aan een fotoshoot. Ik had met drie modellen afgesproken voor een shoot in een bos met lange jurken. In de buurt van het bos had ik de eigenaar van een manage gevraagd of de dames zich daar konden omkleden.

Eén van de modellen was een bikini-fitness atlete. Ze kreeg van de eigenaresse van de manege een compliment over haar figuur gevolgd door de uitspraak dat zij ook wel zo’n figuur zou willen hebben. Het model reageerde hierop later richting mij met woorden als:”Mensen zeggen vaak dat ze een bepaald figuur willen hebben, maar zijn niet bereid hiervoor het nodige werk te doen”. Daarin herkende ik dezelfde irritatie als in de woorden van Elske Doets.

Achtvoudig Mr. Olympia Ronnie Coleman drukte soortgelijke gevoelens uit met de bekende woorden:”Everybody wants to be a bodybuilder, but nobody wants to lift these heavy ass weights!”

Ich bin ein balanstrutje

Ik ben ook een balanstrutje. Toewijding aan een bepaalde doelstelling ken ik wel, maar ik heb simpelweg teveel belangstelling voor teveel verschillende zaken. Gezin, fotografie, schrijven, ondernemen, trainen. Er is niets waar ik mijn volledige aandacht aan wijdt.

Dat geldt dus ook voor fitness/bodybuilding. Als ik vier tot vijf keer in de week train dan vind ik dat wel prima. In de keuken vertaalt dat zich slechts in de voorbereiding voor een shake na de training, voor de rest eet ik wat ik wil.

Ja, ik zou er wel uit willen zien als de bodybuilders die vorige week op het podium van de Mr. Olympia stapten. Toen ik echter 20 jaar geleden begon met serieuze krachttraining wist ik al dat ik niet bereid was hier de nodige keuzes voor te maken. Vooral wat betreft de voeding (veel meer eten dan mijn eetlust ingeeft) en het gebruik van ‘farmaceutische hulpmiddelen’.

Om echt het lijf van een bodybuilder te hebben (in plaats van dat van een gespierde beach boy), is er meer nodig dan gelukkige genen en een paar uur trainen in de week. Zoals de bekende bodybuilder Kai Greene dat uitlegde: “You need obsession to succeed”.

“Een keuze”

Betekent dit dat ik niet mag zeggen dat ik eruit zou willen zien als een top bodybuilder? Of moet ik dit dan direct laten volgen door de woorden “maar ik ben niet bereid de hiervoor benodigde keuzes te maken”?

Nee, want ook daar ligt een pijnpunt: De aanname dat het slechts een keuze is. “Ik had er ook zo uit kunnen zien als jij, als ik die keuze maakte”. “Ik had ook een topfunctie kunnen hebben, als ik minder waarde aan mijn sociale leven hecht”.

Het punt is dat je pas weet of je dergelijke doelstellingen zou halen als je het daadwerkelijk probeerde. Velen, zo niet de meesten, halen het namelijk niet. Het is straks weer oud en nieuw en dan worden er ook weer massaal ‘keuzes’ gemaakt die niet worden doorgezet.

Als je zegt dat je hebt gekozen voor balans dan lijk je daarmee aan te nemen dat jij zelf ook in staat bent te bereiken wat een ander met volledige toewijding bereikt heeft. Daarmee doe je feitelijk die volledige toewijding tekort;”Iedereen zou het kunnen”.

Niet mis met “balanstrutjes”

Wanneer het woord “balanstrutjes” wordt gebruikt, hoeft men dus niet negatief te denken over de keuze voor balans zelf. Dat niet iedereen zich volledig aan één zaak wilt of kan wijden, dat zullen ook Elske Doets en mijn model destijds begrijpen.

De denigrerende term “balanstrutjes” is vooral een reactie op het gebrek aan waardering voor de inspanningen van diegene die wel die volledige toewijding heeft.

Er is dus niets mis met balanstrutjes, noch met het woord zelf.